Blog #25: Het marktsentiment

Gepubliceerd door Jan Maurits Kemps op 26 februari 2018

 

De Gun-factor

Met gemengde gevoelens kijk ik terug op mijn reis midden februari naar Kameroen. Op zich een geslaagde reis waarin ik een extra gunfactor richting Hotim en mezelf opmerk. Waar die extra gunfactor vandaan komt? Omdat we al jaren onze afspraken nakomen. Omdat we geholpen hebben door overtollige stocks en left-overs over te kopen. Hierdoor zijn we nu in staat – zelfs in een schaarse markt – contracten rond te krijgen voor hout dat al jaren naar Azië gaat en het hout te kunnen kopen tegen dezelfde condities. Niet eens tegen een hogere prijs, of een mindere kwaliteit. Dat is wat ze noemen ‘je oogst wat je gezaaid hebt’. Fijn om te zien dat onze inspanningen worden beloond.

Want als het om klant-leverancierrelaties gaat is het in Kameroen precies de omgekeerde wereld van wat we in Nederland gewend zijn. Hier hopen we juist op de gunning van een order door onze klant. Daar zijn we blij als we onze gewenste houtsoort, specificatie, kwaliteit gevonden hebben en een contract wordt geaccepteerd door een zagerij. Cruciaal is steeds “maak waar wat je afspreekt” en “probeer de zagerij te helpen”. Onze jarenlange ervaring helpt ons goed hierbij. Het is ook nog eens verschillend of je in West-Afrika zaken doet met een local, een Europeaan, een Libanees of een Aziaat. Al deze entiteiten runnen zagerijen, hebben hun eigen cultuur, hun eigen waarden en normen. Zo hebben ze allen een sterke voorkeur met wie ze zaken doen. Probeer er maar eens tussen te komen. Dat is vaak niet eenvoudig. Zo hebben we een zagerij in het vizier, gerund door een Libanees, waar we als 5 jaar niet geslaagd zijn om te kopen. We zijn er steeds welkom, worden te woord gestaan, krijgen koffie, maar een contract… nope. Maar we houden vol, blijven ‘zaaien’ en er komt een dag waarop het lukt. De dag waarop we zullen waarmaken hetgeen we al die jaren hebben verkondigd: de dag waarop juist die Libanees in het nauw zit en zijn voornaamste markt hem net even in de steek laat.

Problemen en vertraging in de haven van Douala

Ondanks de gunfactor zijn er toch ook uitdagingen… grote uitdagingen. Ik durf te zeggen dat voor veel exporteurs en importeurs de verwachte resultaten voor 2018 bijlange niet gehaald gaan worden. Waarom niet? Vanwege de verschepingsproblematiek in Douala. Door de implementatie van het scansysteem van de containers in de haven van Douala ontstaan sinds begin van dit jaar enorme problemen. Onkunde, gebrek aan professionaliteit en gebrek aan opslagcapaciteit leiden op dit moment tot problemen en vertraging in de haven. Boten meren aan, maar door de chaos worden niet alle containers geladen, met short-shipments en gesplitste BL’s tot gevolg. Ook wij hebben te maken met containers die al 40 dagen klaar staan om verscheept te worden, maar helaas niet verscheept raken.

Gevolg? Problemen voor de exporteur én importeur. De exporteur die met zijn containers in de haven staat krijgt zijn containers niet verscheept en vervolgens ook niet betaald, omdat er betaald wordt tegen de BL. Hieruit vloeit een cashflowprobleem dat menig zagerij op zijn fundamenten doet daveren. Meerdere zagerijen hebben inmiddels voorzichtig verzocht om conventionele verschepingen te overwegen. Bij een enkele zagerij hebben we in overleg contracten omgezet van containers naar conventioneel. In ons beider belang. De exporteur kan sneller verschepen, wij hebben ons materiaal sneller binnen. Ook wij als importeur zijn de dupe. Door de slecht lopende verschepingen komen onze contracten en volumes te laat binnen. We kunnen pas een maand later drogen en een maand later verkopen. Druk deze vertraging maar eens uit in omzet, ervan uitgaande de we de vertraging niet meer in kunnen lopen. Dan mis je voor 2018 als snel 5 tot 8% omzet.
Dan heb ik het niet eens over het mogelijk tekort dat dreigt op de markt en de teleurstelling van de klant omdat je zijn behoefte niet kan invullen.

Als we kijken naar onze prognoses voor 2018 die we in december hebben opgemaakt, wordt 2018 een fiasco. Dit is natuurlijk een beetje gechargeerd, maar gezien het huidige bouwvolume en de orderportefeuille van onze klanten hadden we wel op een stevige groei gerekend. Die groei zal er sowieso wel zijn, maar helaas niet in de mate van wat het had kunnen zijn. We hadden juist voor 2018 onze inkopen ruim op tijd ingedekt: voldoende contracten en een goede spreiding bij verschillende zagerijen. Ach ja, het moet altijd wel ergens aan liggen waarom ambitieuze plannen niet gehaald worden.

 

Rougier. Managing & enriching … wie of wat?



Even terug naar West Afrika, waar het voor menig zagerij ook niet van een leien dakje gaat. Zo kennen we allemaal wel de grote (maar o zo arrogante) Rougier groep. Volgens ingewijden gaat het met deze club al een tijdje niet goed. Het was vast niet uit luxe dat we vanuit het hoofdkantoor in Parijs een brief kregen waarin werd aangekondigd dat facturen moeten worden betaald aan een factoringbedrijf. Dit getuigt niet van een gezonde financiële situatie. Daarnaast hebben we de laatste vier jaar meerdere algemeen directeuren zien komen en gaan. Ook niet een duimpje omhoog om aan te geven dat het allemaal goed gaat. Vervolgens in januari de aankondiging dat sinds november 2017 de zagerij in Djoum stil ligt en sinds januari de zagerij van Mbang ook stil ligt. Al het personeel van deze twee zagerijen is naar huis gestuurd en officieel technisch werkeloos gesteld. Tijdens mijn trip twee weken geleden circuleerden inmiddels de voorraadlijsten van het rondhout bij andere zagerijen in Kameroen. De hele onverkocht voorraad zou te koop worden aangeboden. http://www.businessincameroon.com/wood/1402-7791-rougier-group-in-talks-to-sell-its-assets-in-cameroon-due-to-financial-issues



Volgens bovenstaand nieuwsbericht zouden nu ook alle activa van de beide zagerijen te koop aan geboden worden en zou Francis Rougier zijn aangesteld als nieuwe directeur voor West Afrika. Na deze bekendmaking kelderde het aandeel van deze in Frankrijk beursgenoteerde groep met een 20%.

Als je uit moet gaan van de berichtgeving van enkele commerciële mensen van Rougier zelf dan is de sluiting van de twee zagerijen slechts van tijdelijke aard. Zodra de problemen in de haven van Douala zijn opgelost kan er weer verscheept worden en lost het financiële probleem ook zichzelf op. Tenminste, dat is de uitleg van Rougier. Luister je naar de geruchten van anderen in Kameroen zelf, dan gaan de twee zagerijen nooit meer open. En laat me eerlijk zijn, ik denk dat dit laatste het dichtst bij de waarheid ligt.

Ramp voor FSC in Kameroen

In mijn hart hoop ik eigenlijk van niet. Ook de Rougier-groep is voor mij persoonlijk niet de fijnste groep om mee samen te werken, maar het wegvallen van twee zagerijen in Kameroen impliceert wel wat. Met name de zagerij van Mbang en de bossen erom heen die FSC-gecertificeerd zijn, of waren, vallen hierbij mogelijk weg. Net op het moment dat we een stijgende vraag naar Afrikaans FSC-hout zien. En net op het moment waarop we samen met FSC proberen alle zeilen bij te zetten om FSC in West Afrika niet ten onder te laten gaan. Jawel, ook wij hebben nog lopende FSC-contracten met name in Ayous en Fraké. Stel dat ze niet meer worden uitgeleverd, waar kan ik dergelijke contracten dan in de toekomst in West-Afrika onder brengen? Ik heb er al over nagedacht en het antwoord is helaas simpel: “nergens”. Wat is dan een perfecte vervanger voor bijvoorbeeld Ayous of Fraké? Gezien onze voorraad zullen de gevolgen voor 2018 nog wel te overzien zijn, maar voor 2019 zoeken we toch wel een oplossing. Helaas ben ik hiervoor momenteel niet optimistisch.

To be continued… 

 

      

 

Informatie opvragen

Meer weten?
Neem contact met ons op!
Wil je dit met iemand delen? Deel het via de sociale kanalen of stuur het door!
Close